A&B PARTNERS | Aalst • Genk • Oudenaarde (Brakel - Ronse) • Turnhout • Waas & Dender • Waregem

Belasting op “interne meerwaarden”

 

Goed nieuws en slecht nieuws.

Eerst het goede nieuws : meerwaarden op aandelen blijven in principe en voorlopig vrijgesteld van meerwaardebelasting.

Het slechte nieuws is dat er wel op een andere manier gemorreld wordt aan deze vrijstelling.

En meer in het bijzonder aan de techniek waarbij aandelen worden ingebracht in ruil voor aandelen in een holdingvennootschap, gevolgd door een kapitaalvermindering. Dit wordt aangepakt vanaf 01 januari 2017.

Wat wordt aangepakt ? De juridisch-fiscale techniek waarbij :

  • de aandelen van een werkvennootschap worden ingebracht als gestort kapitaal in een holding en het gaat hierbij om een verrichting die als ‘normaal beheer van privévermogen’ kan worden aangemerkt, in ruil voor aandelen van die holding. Hierbij wordt een meerwaarde ‘gerealiseerd’. Deze meerwaarde is niet belastbaar,
  • gevolgd door een opstroom van dividenden vanuit de werkvennootschap naar de holding met toepassing van de zogenaamde ‘DBI regeling’ en
  • gevolgd door een belastingvrije kapitaalvermindering vanuit de holding.

(nvdr : bij toepassing van de ‘DBI regeling’ worden ontvangen dividenden bij de holding vrijgesteld voor 95% in het fiscaal resultaat).

Voor inbrengen binnen normaal beheer van het privévermogen, verricht vóór 01 januari 2017, verandert er niets. Alhoewel er volgens de memorie van toelichting bij het wetsontwerp moet rekening gehouden worden met de algemene antimisbruikbepaling van art 344,§1 WIB.

Een voorbeeld (regeling tot 31/12/2016) :

  • Gestort kapitaal werkvennootschap : 100
  • Belaste reserves werkvennootschap : 400
  • Inbreng in holding tegen werkelijke waarde : 1.000
  • Bij de holding :
    • Vennootschapsrechtelijk : verhoging gestort kapitaal met 1.000
    • Fiscaalrechtelijk : fiscaal gestort kapitaal : verhoging met 1.000
  • Bij latere uitkering 1.000 :
    • Fiscaal gestort kapitaal 1.000 onbelast.

Wat verandert er vanaf 01/01/2017 ?

De gerealiseerde meerwaarde blijft onbelast, maar fiscaal gezien zal er slechts gestort kapitaal worden gevormd ten bedrage van de aanschaffingsprijs van de aandelen bij de inbrenger of, ingeval er geen aanschaffingsprijs is, ten bedrage van het gestort kapitaal dat wordt vertegenwoordigd door de ingebrachte aandelen in het gestort kapitaal van de vennootschap waarvan de aandelen worden ingebracht. Voor het overige wordt de inbreng aangemerkt als een belaste reserve.

Die belaste reserve wordt niet aan vennootschapsbelasting onderworpen. Maar bij een latere kapitaalvermindering zal de uitkering van die belaste reserve onderworpen worden aan een roerende voorheffing die vanaf 2017 verhoogd wordt naar 30%.

Een voorbeeld :

  • Gestort kapitaal werkvennootschap : 100
  • Belaste reserves werkvennootschap : 400
  • Inbreng in holding tegen werkelijke waarde : 1.000
  • Bij de holding :
    • Vennootschapsrechtelijk : verhoging gestort kapitaal met 1.000
    • Fiscaalrechtelijk :
      • Fiscaal gestort kapitaal : verhoging met 100
      • Belaste reserve : 900
    • Bij latere uitkering 1.000 :
      • Fiscaal gestort kapitaal 100 onbelast
      • Belaste reserve 900 belast aan 30%

Ingeval er geen sprake is van een normaal beheer van privévermogen, is er al een regeling opgenomen in het wetboek inkomstenbelastingen die slechts een tijdelijke vrijstelling biedt voor de gerealiseerde meerwaarden. Bij uitkering via kapitaalvermindering worden de meerwaarden dan belast als diverse inkomsten aan het tarief van 33%. Deze regeling blijft verder bestaan.

Indien u hierover meer info wenst, gelieve contact op te nemen met uw accountant of een mailtje te sturen naar de Adviescel : advies@abpartners.be

 
  • Heeft u een vraag?

    Laat het ons weten en we helpen u zo snel mogelijk verder.





    Uw naam (verplichts)

    Uw e-mail (verplicht)

    Uw bericht